Ward Van Loock

fietsLES CIRQUITS

 

1. Le Westhoek, pays de polders et de digues(53 km)
Furnes
 
2.  Des polders de la côte à la Flandre sablonneuse (64km) 
Nieuport
 
3.  Grande randonnée Lys-Escaut (90 km)   
 Nazareth
 
4.  Le long de la Lys et du canal de Schipdonk (61 km)  
Astene/Deinze

5.  Dans la Verdure entre Dendre et Escaut (52 km)  
Termonde
 
6.  A travers le Vaartland: Par des zones sèches, puis marécagueses.
 Zemst
 
7.  Les activités de la grande banlieue anversoise (80 km)
Walem/Malines
 
8.  La vallée de la Dyle entre Louvain et Malines (60 km)  
Wijgmaal/Louvain
 
9.  Entre Anvers et Limbourg: la Campine oriëntale
 Bourg-Leopold
 
10. Les canaux ”royaux” de la vallée de la meuse (59 km)
Dilsen/Stokkem
 
11. Promenade le long de deux canaux vers le centre  (33/35/37 km)
Arquennes-Ronquières
 
12. Du pays noir au pays Blanc (57 km)
Blaton
 
13. Une region de charbonnages fermés et de marais Asséchés (46 km)
Nimy
 
14. Les vallonnements du Condroz namurois (41 km)
Andenne
 
15. A la Recherche des abbayes de l’Entre-Sambre et-Meuse (51 km)
 Rivière/Profondeville
 
16. Cirquit dans la vallée de la Meuse; les secrets de la Montagne Saint-Pierre (45/48 km)
 Kanne
 
17. Le charme de l’Hertogenwald et des ruisseaux de la Fagne (36 km)
Eupen
 
18. Balade dans la region Ourthe-et-Aisne (49 km)
Durbuy
 
19. Par les forêts vallonnées de l’Oesling et en aval de la Wiltz (50 km)
Wiltz
 
20. A cheval sur la frontière belgo-luxemburgeoise Au Pays d’Arlon (50 km)
Eischen
 
weg

Wallonië: vijf bijzondere landschappen

 

1. Ten noorden van de lijn Centrumkanaal-Samber-Maas liggen de vruchtbaarste gebieden van Wallonië. Deze uitgestrekte leemstreek is onderverdeeld in de Henegouwse leemstreek in het westen (tocht 12) en Droog-Haspengouw ( tocht 16) in het westen.

2. Aan de zuidkant van de Henegouwse leem, ligt het brede industriebekken van de Borinage en Centre (tocht 13 en 11), waar geen plaats was/is voor enige landbouw. Dit eens zo dichtbevolkte gebied biedt nu een troosteloze aanblik en geraakt stilaan ontvolkt.

3. Bezuiden Samber en Maas duikt de Condroz op, genoemd naar de Condruzen, een volkstam die er leefde in de tijd van de Romeinen. Deze brede band bestaat uit drie onderverdelingen: (van noord naar zuid) als je de Naamse Maasvallei verlaat, kom je eerst door de Condroz-Ardennen (tocht 14), vervolgens in de eigenlijke Condroz (tocht 15 en 14) en tenslotte in de lager gelegen Famenne-streek die via een erg vruchtbare kalkzoom aansluiting geeft met de eigenlijke Ardennen.

4. De Ardennen worden soms ingedeeld in Lage en Hoge Ardennen. Beiden hebben een onvruchtbare ondergrond, grotendeels bedekt met bossen en slechts hier en daar arme weilanden. Vanouds verbouwde men er gewassen die weinig eisen stellen aan de bodem zoals gerst en rogge. De Hoge Venen (tocht 17) behoren tot de Hoge Ardennen, want daar bevindt zich het hoogste punt van België (694_m). Dit plateau gedraagt zich wegens de ondoordringbare ondergrond en de grote neerslag als een spons vol water, waaruit Gileppe en Vesder gevormd worden.

5.Lotharingen (tocht 20) is ruwweg de landstreek bezuiden de Semois en is altijd een vruchtbare landbouwstreek geweest omdat de ondergrond bestaat uit een mengeling van klei en kalk. Deze streek kent omwille van de beschutting door de Ardennen een zacht en droog klimaat. Toch moet er een onderscheid gemaakt worden tussen de Gaumestreek in het westen en het Land van Aarlen in het zuidoosten op. Taalkundig behoort dit laatste immers tot de Duitse taalstam.



  

recente gidsen | terug | boven | volgende